Gedreven om maatschappelijke impact te maken

Kennismaken met Nick Boersma

Hij is niet van de koffie of de thee. Vraag je Nick wat hij wil drinken en het antwoord is: water. Het liefst in de gele Dopper van de Risk Factory, een plek waar basisschoolleerlingen scenario’s op het gebied van veiligheid en gezondheid kunnen doorleven. En Nick zijn ‘kindje’, want hij stond als projectleider aan de wieg van het initiatief. We spraken hem over zijn spannende start bij Veiligheidsregio Limburg-Noord, zijn visie, zijn drive om maatschappelijke impact te maken en zijn ontwikkeling. Kortom: een kennismaking…

Trots is dit jaar het thema van de Jonge Ambtenaar van het Jaar Verkiezing. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: wat betekent ‘trots’ voor jou?


"Trots staat voor mij synoniem voor een gevoel dat zegt dat je op een plek zit waar je kunt shinen; voor iets gezamenlijks waar je zelf een steentje aan hebt kunnen bijdragen. Alleen trots op jezelf zijn, maar niet op je werkgever, je collega’s of gezamenlijke prestaties, voelt niet goed. Dan heeft het iets narcistisch. Misschien dat ik me daarom in eerste instantie ook wel een beetje oncomfortabel voelde bij deze nominatie. Het zijn uiteindelijk mijn collega’s geweest die zeiden: moet je doen!"

Je bent opgeleid als gedragswetenschapper; hebt geleerd hoe je menselijk gedrag kunt beïnvloeden. Wist je meteen dat je in het publieke domein wilde gaan werken of heb je ooit een flitsende carrière bij een grote multinational overwogen?


“Na mijn bachelor psychologie heb ik inderdaad een master gedragsverandering gevolgd. Waanzinnig interessant, want je leert hoe je menselijk gedrag kunt veranderen. Ik zag mezelf misschien niet direct als ambtenaar, maar voelde aan alles dat ik die kennis wilde inzetten voor de publieke zaak. Toen ik een vacature van GGD Limburg-Noord (onderdeel van Veiligheidsregio Limburg-Noord) voorbij zag komen (ze zochten een medewerker voor een project dat zich bezighield met gezondheidsbevordering van senioren), dacht ik: dit is iets voor mij! Ik werd aangenomen.”

Enthousiast

“Vraag me naar mijn werk en ik barst los. Ik word gewoon heel blij van de dingen die we met onze organisatie doen en de bijdrage die ik hieraan kan leveren. Dat draag ik intern uit, maar zeer zeker ook buiten de deuren van de organisatie. Ik merk dat mijn enthousiasme aanstekelijk werkt. Het lukt me om anderen ook te motiveren door inhoud en emotie met elkaar te combineren.”

Leergierig

“Vanaf het moment dat ik ben gaan werken, heb ik mezelf altijd gerealiseerd dat ik nog veel te leren heb. Vanaf het begin heb ik altijd gelet op de sterke kanten van de mensen om me heen. Die heb ik me, mits ze bij me passen, me zoveel mogelijk eigen proberen te maken. Dat gevoel heb ik nog steeds. Niet alleen op het gebied van competenties bij mezelf, maar ook bij de inhoudelijke ontwikkeling van de omgeving waarin ik werk.”

Sociaal

“Ik probeer altijd oog te hebben voor de mens achter mijn gesprekspartner. Niks aannemen, niet oordelen, maar oprecht interesse tonen in een ander. Als je elkaars raakvlakken kent, kom je uiteindelijk ook inhoudelijk verder.”

En… kwamen je verwachtingen overeen met de werkelijkheid?


“Het was een enorm leerzame periode. Ik startte in een heel nieuw team, met heel veel jonge collega’s. Maar ik kwam ook terecht in een complexe organisatie. Veiligheidsregio Limburg-Noord bestond vijf jaar en had al zes fusies achter de rug. Er hing de organisatie een miljoenentekort boven het hoofd en er was een gebrek aan identiteit. Niet de meest ideale setting voor een ambitieuze millennial.”

Toch werk je nu – zes jaar later – nog steeds voor de organisatie. Dus ergens is het goed gekomen?


“Ik heb de organisatie zien ontwikkelen – van kwetsbaar naar robuust. En ik heb kansen gekregen en – heel eerlijk – ook gecreëerd om mezelf te ontwikkelen. Al snel na mijn start bij de veiligheidsregio ontdekten collega’s de toegevoegde waarde van een gedragswetenschapper in het team. En zo werd ik steeds vaker benaderd om aan te schuiven bij een nieuw project of initiatief. Daardoor kon ik ook redelijk snel de overstap maken naar Brandveilig Leven, een programma dat zich richt op brandpreventie. Daar startte ik als onderzoeker, inmiddels ben ik beleidsadviseur. En zo kwam ook de Risk Factory (zie volgende pagina) op mijn pad. Toen ze een projectleider zochten voor dit initiatief, heb ik mijn hand opgestoken.”

Wat betekende die ontwikkeling voor jou persoonlijk? Wat valt je op als je de Nick van zes jaar geleden vergelijkt met de Nick van nu?


“Moeilijke vraag… Laat ik het zo zeggen: zes jaar geleden was ik een echte onderzoeker. Theoretisch onderlegd, vol overtuiging over de noodzaak en het belang van kennis over gedragsverandering in publieke organisaties. Die overtuiging heb ik overigens nog steeds. Maar als jongeling, een beetje verlegen, zonder werkervaring, heb ik echt wel even mijn draai moeten vinden. Ik vond het bijvoorbeeld best lastig om mijn mening te geven. Werken in de luwte vond ik prima. Ik heb enorm veel geleerd door om me heen te kijken, naar leidinggevenden en directe collega’s… Ik heb hun gedrag gespiegeld en zíj hebben me altijd de ruimte en het vertrouwen gegeven om stappen te maken. Te experimenteren, nieuwe dingen te doen en ja… ook op mijn bek te gaan. Hierdoor ben ik nu veel daadkrachtiger, durf ik nu uitgesproken te zijn en vind ik het makkelijker om op de voorgrond te treden als dat nodig is. Ik merk dat ik ook steeds meer bezig ben met de ontwikkeling van mensen in de organisatie en de organisatie als geheel.”

Kun je een voorbeeld noemen?


“Veiligheidsregio Limburg-Noord is best een ‘vergrijzende’ organisatie; veel mensen werken hier al jaren. Ik heb zelf aan den lijve ondervonden hoe waardevol frisse blikken kunnen zijn. Hoe ze de organisatie scherp houden. Daarom maak ik me sterk voor het aantrekken van stagiairs. Niet alleen binnen mijn eigen team, maar binnen de hele organisatie. Dit heb ik samen met collega’s van P&O opgepakt.”

En wat doe je om de organisatie vooruit te helpen?


“Ik ben een optimist. Mijn trots op deze organisatie steek ik niet onder stoelen of banken. Ik geef collega’s ook graag complimenten. Maar tegelijkertijd kan ik ook ontzettend kritisch zijn, op anderen maar niet in de laatste plaats op mezelf. Ik ben in projecten ook graag de advocaat van de duivel die ‘vervelende’ vragen stelt: ‘Wat kost ’t en wat levert ’t op?’ ‘Wat merken inwoners van onze regio hiervan?’ Ik vind dat je als ambtenaar altijd de maatschappelijke impact van je werk moet kunnen uitleggen. Je werkt uiteindelijk met publiek geld. Daarom ben ik ook altijd aanjager van concreetheid. Natuurlijk moet je beleid maken en verankeren. Maar veranderingen kunnen soms ook prima zonder tijdrovende en lijvige beleidsstukken.

Neem als voorbeeld die stagiairs: daar kun je beleid voor schrijven, maar je kunt als organisatie ook besluiten: ‘we gaan het gewoon doen.’”

“Ik kan ontzettend kritisch zijn. Op anderen, maar niet in de laatste plaats op mezelf.”

Waar komt die drive vandaan? Is je dat met de paplepel ingegeven? Heb je ooit een aha-moment gehad?


Nou, dat is een lang verhaal. Voor dit magazine te lang denk ik. Laat ik het zo zeggen: ik heb geen makkelijke jeugd gehad. Andere mensen hebben met hun maatschappelijke bijdrage voor mij het verschil gemaakt. Daar heb ik veel van geleerd. En ja, daar komt ook mijn drive vandaan om voor anderen het verschil te maken… Iets goeds te doen voor een ander.”

Heb je het weleens met vrienden over je werk?


“Natuurlijk maken mijn vrienden weleens grapjes over het feit dat ik ambtenaar ben. Dan komen van die stereotype opmerkingen voorbij. ‘Je zit natuurlijk de hele dag te vergaderen en koffie te drinken.’ Ik kan daar hartelijk om lachen en meestal dien ik ze ook wel van gepaste repliek. Tegelijkertijd merk ik dat ze heel nieuwsgierig zijn naar mijn werk. Dat komt doordat ik er regelmatig met veel enthousiasme over vertel. Zeker de laatste maanden, sinds corona, krijg ik steeds meer vragen. ‘Hoe zit dat nu eigenlijk met….?’ ‘Wat gebeurt er bij jullie allemaal op het gebied van …?’ Ook de reacties na mijn pitch voor Beste Overheidsorganisatie waren meer dan leuk. Ik had de link van de livestream gedeeld. Bleken ze toch echt gekeken te hebben. Toen ik – op weg terug naar huis – voor het eerst weer mijn telefoon opende, was WhatsApp ontploft. Mooi dat ik ook op zo’n manier bij kan dragen aan een ander imago van ambtenaren.”

Je werkt nu bijna zes jaar bij Veiligheidsregio Limburg-Noord. Heb je nog geen zin in iets nieuws?


“Nee, helemaal niet! Terwijl ik echt iemand ben die regelmatig nieuwe prikkels nodig heeft. Ik heb helemaal niet het gevoel dat ik al zes jaar bij dezelfde organisatie werk. Een collega van me omschreef Veiligheidsregio Limburg-Noord laatst als een bundeling van 600 kleine bedrijfjes. En daar had hij wel een punt. Onze organisatie is zo divers… Ik werk aan zo veel verschillende projecten… En ik krijg volop ruimte om ook bij andere diensten een kijkje in de keuken te nemen. Een dag meelopen met de collega's van de beroepsbrandweer, bijspingen in het Regionaal Crisis Centrum tijdens de Meinwegbrand (een grote natuurbrand, waarbij 200 ha. bos en heide afbrandden en 4200 mensen werden geëvacueerd, red), in gesprek gaan met collega's over gezondheid en veiligheid. Maar ook door binnen de brandweer de werkgroep Gedragsverandering op te zetten en de ruimte te krijgen om daarover in het land presentaties te geven. Elke nieuwe kennismaking en ervaring is leerzaam en biedt kansen om me te ontwikkelen. Daar kan ik enorm van genieten. Zo lang ik dat gevoel nog heb, zie ik geen reden om verder te kijken naar een andere baan.”

Tot slot… Ben jij de beste jonge ambtenaar van 2021?


“De beste… dat zou ik nooit over mezelf zeggen. Maar een trotse jonge ambtenaar ben ik in ieder geval. Al jaren! Dat laat zich niet in woorden uitdrukken. Daarvan overtuig ik de jury graag binnenkort tijdens de selectiedag.”